|
Hans Theys
De wellust van economie
Enkele woorden over het werk van Hans Wuyts
In een ruimte staat een paviljoen dat is opgetrokken uit auberginekleurige
betonplex. De hoogte van het paviljoen wordt bepaald door de standaardlengte van
de gebruikte panelen. Het paviljoen is vier panelen breed en twee diep. Ik hou
van de economische, noodzakelijke opbouw. In een van de panelen is een fragment
uitgezaagd dat scharniert als een deur. Ik ga naar binnen. Links van mij bevindt
zich een houten bank die deel uitmaakt van de constructie. In de bank zitten
twee luidsprekers. Rechts van mij flikkert een geprojecteerd beeld dat de hele
breedte van de wand beslaat. Het filmpje bestaat uit een reeks taferelen waarin
twee identieke mannen in een kale ruimte met een vlekkerige, betonnen vloer en
wit geschilderde muren enkele panelen proberen samen te voegen tot een
paviljoen.
Het paviljoen komt voort uit een performance-avond die Hans Wuyts samen met Leon
Vranken, Steven Elsen en nog enkele kompanen van Post St. Joost heeft
georganiseerd in Lokaal 01 in Antwerpen. Het doet denken aan een werk dat Wuyts
vorig jaar maakte, waarin de wanden van een betonplexen huisje samengetrokken en
weer opengezet werden, aangedreven door draaiende draadstangen en gestuurd door
sensoren die de bewegingen van de bezoekers opvingen. Verder waren er ook vier
panelen die aan één kant bekleed waren met een bewegend doek. Achter de doeken
bevonden zich pinnetjes die in de doeken priemden. De toeschouwer kon zich hier
ook van vergewissen. De achterkant van de panelen, met de snoeren, de
elektromotoren en de labels, vormden een deel van het werk.
In de filmpjes die getoond werden in het paviljoen zie je ook een soort van
achterkant van het werk. Je ziet een kunstenaar die beslissingen tracht te
nemen, die aarzelt en twijfelt, die observeert, die uitprobeert, die zit te
suffen of te tobben, die van mening verandert, enzovoort.
‘Ik maak gebruik van het motief van de tweeling om het duel tussen de kunstenaar
en zichzelf zichtbaar te maken,’ vertelt Wuyts. ‘Ik wilde een kopie van mezelf
maken en tonen hoe het maken van elk werk het maken van keuzes vergt. Bij het
maken van zo’n keuzes lijkt het alsof je met twee bent. Het werk doet ook een
beetje denken aan de manier waarop schilders tewerk gaan: je schildert een
beetje, je zet een stap terug om te kijken, je werkt een beetje bij, enzovoort.
Doorgaans maak ik vooral installaties waarin ik vertrek van een grens in de
ruimte. Ik probeer zo’n grens door te zetten, zodat je een binnenstebuiten
effect krijgt. Ik vind dat dat hier wel is gelukt.’
Het eerste werk dat ik van Hans Wuyts heb gezien was een installatie die tot
stand kwam naar aanleiding van de sanering van een rangeerterrein in Antwerpen.
De opdracht bestond erin het ontoegankelijke terrein, waar op vijf jaar tijd een
park zou worden aangelegd, aanwezig te maken voor de omwonenden. Hans Wuyts
stelde voor een soort van uitkijktoren annex kunstenaarsstudio schrijlings over
de scheidingsmuur te plaatsen. Een prachtige ingreep, die op een andere, maar
soortgelijke manier gestalte geeft aan de twijfel van de kunstenaar en de
noodzaak uiteindelijk toch voor een bepaalde vorm of stellingname te kiezen.
Hans Theys, Montagne de Miel, 21 maart 2005 |