Koen Deprez

<< BACK TO KOEN DEPREZ

 

 

 

 

 

De Ruil

 

Mikhail Gomorow stapte over een dikke laag ijs die de rand van de stad en het centrum met elkaar verbond. Je kon niet meteen zeggen dat hij erg snel liep. Op de besneeuwde ondergrond kwam hij maar met kleine passen vooruit. Als je van de ene kant van de Neva zo naar de andere kant van de rivier wandelde, was het vooral de kunst om overeind te blijven. Door de hevige vrieskou voeren al geruime tijd geen veerdiensten meer uit. Zij die het toch nog hadden gewaagd, zaten nu hopeloos in het ijs vast. Ook de trots van de stad, het slagschip Potemkin, bracht het na al die weken niet meer op.
   Mikhail Gomorow leek op weg naar iets belangrijks. Dat vermoeden viel te lezen in de rechte lijn die zijn voetafdrukken in de sneeuw hadden achtergelaten. Verkleumd, dat wel, maar uiteindelijk toch aan de andere kant van de rivier geraakt. Op de plaats waar vroeger ooit een mooie trapreling was geweest, hees hij zich gestaag omhoog. Op de Dvortsovaja Naberezhnaya, de boulevard waaraan de Hermitage was gelegen, hapte hij opnieuw naar lucht - bevroren lucht. De vrieskou eigende zich ogenblikkelijk alle adem toe, alsof Koning Winter niets aan het toeval wilde overlaten. Gomorov keek naar het kadaver van een rat die de morgen niet meer had gehaald. Hij beroerde het karkas met zijn laars en duwde het ding met de punt nog wat dieper in de sneeuw. De staart kwam krakend rechtop te staan. De winter liet behalve een handvol zwerfkatten geen beest in leven. Enkel een vrolijk stampvoetende straatveger, die de stad elke dag verloste van al dat bevroren leed, die het allemaal wel begreep. Op de grote boulevard nagenoeg geen verkeer, weinig wagens, geen trollies, geen volle taxi’s meer.
   Gomorov vervolgde zijn weg. Ondertussen keek hij nog eens op zijn polshorloge, tikte er voor de zoveelste keer tegen. Hoe laat zou het nu al zijn, zou hij de gemaakte afspraak nog wel halen? Of zou de winter ook dat niet meer toestaan? Maar als de tijd bevroor, kwam hij misschien toch nog op tijd… Hij was in elk geval de juiste richting ingeslagen.

* * *

In de Hermitage ligt het beveiligingssysteem overhoop met het immense bouwwerk. Een gevolg van de roof, afgelopen nacht, van een diamanten armband van de Romanovs. Het museum laat vanwege dit grote verlies voorlopig geen enkele bezoeker meer toe. De centrale gangen die naar de grote tentoonstellingszalen leiden, liggen er, op het geroep en getier van enkele veiligheidsagenten na, helemaal verlaten bij. Alexandr Levshin, de directeur van het museum, stapt met haastige passen door het immense gebouw. Van zijn kantoor naar een van de uitgangen van het museum. Alles komt hem anders voor dan op een gewone werkdag.
   Iedereen kent de directeur hier als een vakbekwaam en betrouwbaar man. De stadsraad heeft Levshin onlangs nog opnieuw aangesteld, toen er weer eens een andere naam de ronde deed. Omdat hij zo betrouwbaar is, laat het beveiligingssysteem de museumdirecteur ook nu weer door. Of laat de veiligheid het andermaal afweten?
   Zal Levshin nog wel de afspraak halen die bij hem thuis is gepland, of zal de geheime dienst hem voordien alweer komen ophalen? Indien niet, dan komt hij misschien toch nog op tijd.

* * *

De belangrijkste eigenschap van een ruil in het diepste geheim is dat hij achteraf nooit heeft plaatsgevonden. Een ruil in het donker ontkent zichzelf bij klaarlichte dag. Mikhail Gomorow en Alexandr Levshin zitten samen aan tafel. Of beter gezegd: de twee heren, die de ruil hebben voorbereid, zitten recht tegenover elkaar aan tafel. De houten tafel uit vervlogen tijden is vierkant. Binnen dat vierkant grijpt de ruil plaats. Het tafelblad is uit vier langwerpige planken vervaardigd. In een houten lade: een trommelpistool, geladen.
   De nerven van het hout liggen er wat nerveuzer bij. Midden op het tafelblad is een kleine heraldische versiering aangebracht: twee arenden, die elkaar voorgoed de rug hebben toegekeerd. Door hun wederzijdse ontkenning, vatten ze de afstand tussen de twee partijen goed samen. De inzet: de gestolen diamanten armband van de Romanovs, in ruil voor een ei van Fabergé. Over de te ruilen waar wordt heftig gedebatteerd.
   In het hout: grillige jaartekeningen. Zij geven de toon aan van de onderhandelingen. De nerven van het hout, duurzaam hout, suggereren een ingewikkeld kluwen. De knoesten in het hout een urenlang conflict. Alles rond en op de tafel lijkt na uren discussiëren een toestand van dronkenschap te hebben bereikt. Een straaltje alcohol loopt langs een flesje zonder etiket naar beneden.
   Twee handen, vaak dreigend uitgestoken vingers, een stormachtig dispuut. Een vuistslag op tafel, een felle oprisping. Wodka door de lucht. Dan plots, boven alles uit, twee handen in elkaar geklemd die elkaar welgemeend schudden. De waar wordt uit de verpakking gehaald en naar elkaar doorgeschoven. Alles wordt zorgvuldig nagekeken. De ruil wordt onmiddellijk afgesloten.
   Kort na het vertrek van Gomorow haalt Levshin het wapen uit de lade. Ontspant de haan van het pistool, haalt de zwart-geel-witte kogel uit de trommel. Hij gooit het kleurrijke ding de hoogte in en vangt het met een triomfantelijk gebaar weer op. Achterover leunend, de trotse blik op het juweel gericht. Een gouden armband, bezet met diamanten, een grote pracht, een schittering voor de eeuwigheid! Hij wist het de hele tijd; een Romanov voor een valse Fabergé.

TOP