Paul Casaer

<< BACK T0 PAUL CASAER 

 

 

 

Tastbaar afwezig
Paul Casaer in Koraalberg


Lang geleden eigenlijk dat Paul Casaer nog sculpturen maakte. Van 1998, om precies te zijn. Lichtjaren in een kunstenaarsbestaan, maar plots staan ze er weer. In de tussentijd was de foto zijn medium. Het fotoboek in het bijzonder, want de beelden van Paul Casaer lees je in sequenties. Net als in de film is wat hij niet toont even belangrijk als wat hij wel toont: het buitenbeeld van de cadrage, het tussenbeeld van de montage.
Wat geldt voor de foto’s, geldt voor de sculpturen. Ook hier komen de beelden in reeksen, zorgen kaders voor een buitenbeeld en zorgt de confrontatie voor onzichtbare tussenbeelden. Sommige sculpturen zijn nog slechts kaders. De uitvergrote diaramen op de vloer dragen nog beelden die in zeven stappen inzoomen op een sterrenhemel – één lichtjaar per stap, een duizelingwekkende vaart in het niets. Maar uit de ‘Leftovers’ tegen de muur – de kaders die de stukjes boot, vliegtuig, auto of trein van de modelbouwer samenhouden – is alle inhoud verdwenen.
Radicale recyclage: wat anderen weggooien, wordt gecultiveerd. Het bijna niets, gered. Of omgekeerd: wat anderen sparen, wordt geëxposeerd. Honderd biljetten van 1 dollar vormen samen een guirlande. De potlatch, de wreedheid van het feest: niets is te veel om niet te gebruiken, niet te exposeren, niet te geven.
De dollarguirlandes, opgehangen aan fijne berkentakken, vormen één geheel met een gietijzeren bolvormige sculptuur op de grond: een uitvergroot belletje, zoals dat aan de hals van een hond, of een kat of een ander huisdier. Een kleinood dat meestal onzichtbaar blijft, verstopt in de vacht, maar altijd hoorbaar. Een uitvergrote leegte. Het immateriële gematerialiseerd.
Tastbare afwezigheid: modelbouwkaders uit de vuilbak, diaramen uit de beschermdoos, geld uit de portefeuille, een bel uit de vacht. Alles even concreet. Ook wat we niet zien. Het heeft iets nonchalant om zo met materialen om te gaan. En ook weer niet: daarvoor werd te veel zorg besteed aan de details in afwerking en materialen. Het loodzware gietijzer van de bel, de gefreesde curven van de diaramen, de ketting van dollarbiljetten en paperclips die zich pas van dicht laten herkennen, de verfsporen op de frames: signalen van de kunstenaar over de materie waar hij mee werkt. Kijken naar de leegte is zoeken naar details.
De objecten zijn herkenbaar en de schaal is op mensenmaat. Een bel als een strandbal, een guirlande net boven het hoofd, diaramen op armlengte en een ‘Leftover’ als een deur om in te stappen: een tentoonstelling waar je doorloopt zoals Alice door Wonderland. Geen onaantastbare iconen hier, zoals in de pop art van Warhol of de überkitsch van Koons, maar gebruiksvoorwerpen met een eigen functie. Geen perfectie in de details, maar een perfectie in de défauts.
Tastbaar en toch net niet: in het midden van de vloer staat een plexiglazen bak, een aquarium van plastic. Geen water in deze hermetisch gesloten ruimte, maar lucht. En op de bodem één 1 en 99 nullen. Een vaag getal als stille verwijzing naar de lichtjaren die ons scheiden van de sterren in de dia’s ernaast: een willekeurig binaire logica. Altijd juist, en toch nét niet.

Paul Casaer. 'Homemade Galaxy'. Tot 2 december in Koraalberg, Pourbusstraat 5, 2000
Antwerpen. www.koraalberg.be

Pieter Van Bogaert in <H>ART nr. 12, 19 oktober 2006.
www.kunsthart.org

TOP